Spoel de gierst 2× af met koud water.
Doe de gespoelde gierst in een pan en voeg water toe, zodat het water ongeveer 2,5 cm boven de gierst staat. Kook de gierst op laag vuur gedurende 25–30 minuten, totdat hij zacht is.
Laat de gekookte gierst even afkoelen. Meng hem vervolgens in een kom met geraspte kokos, gemalen amandelen, gemalen gember, honing en boter of kokosolie. Kneed tot een plakkerig deeg. Het deeg is lastig te verwerken, dus om het uit te rollen heb je 2 vellen bakpapier nodig, waartussen je het deeg gemakkelijk kunt uitrollen.
Verwarm de oven voor op 170–180 °C, bereid een bakplaat voor en bekleed deze met bakpapier.
Leg het deeg tussen 2 vellen bakpapier en rol het uit tot een plak van ongeveer 3 mm dik. Steek rondjes of willekeurige vormen uit de plak en leg deze voorzichtig op de voorbereide bakplaat.
Schuif de bakplaat in de oven en bak de rondjes bij 170–180 °C gedurende 15–18 minuten (afhankelijk van de dikte van het uitgerolde deeg).
Laat de glutenvrije rondjes na het bakken afkoelen en serveer ze daarna.