Schil de ui en snijd hem fijn.
Breng de konijnenpoten op smaak met zout en peper.
Neem daarna een grote pan, verhit hierin 15 g boter en 1 theelepel olijfolie, voeg de gesneden ui toe en bak 4–5 minuten op middelhoog vuur totdat hij goudgeel is. Voeg vervolgens de konijnenpoten toe aan de pan en bak alles nog 4 minuten.
Giet na deze tijd de groentebouillon over de inhoud van de pan, zet het vuur laag, dek de pan af met een deksel en kook 35–38 minuten totdat de poten zacht zijn.
Bereid ondertussen de polenta.
Neem een andere grote pan, giet er 1,5 l water in, voeg zout toe en breng aan de kook.
Zet daarna het vuur laag, strooi de instantpolenta in de pan en kook al af en toe roerend 15–20 minuten. Zet daarna het vuur uit en dek de pan af met een deksel zodat de polenta warm blijft en in de pan nog even kan ‚nagaren'.
Zodra de konijnenpoten in de eerste pan voldoende zacht zijn, zet het vuur uit en verplaats de poten van de pan naar een grotere kom.
Voeg vervolgens de gemalen noten en de room toe aan de pan met bouillon, neem een staafmixer en mix de gehele inhoud van de pan 1–2 minuten glad.
Leg de konijnenpoten in de ontstane saus en verwarm het geheel kort op laag vuur (30 seconden volstaat).
Bereid nu 4 serveerborden voor, verdeel hierover eerst de gekookte polenta en daarna de konijnenpoten. Schenk tot slot over elke portie de notensaus uit de pan en serveer.